Vorige Boten bij de Vis 7 / 24 Volgende
Datering
Vervaardiger Werf 't Kromhout (Amsterdam)

blazer TX 11

Vissersschip, reconstructie van ZZM-4883.

Uitgebreide beschrijving

Een blazer is vol, fors en zwaar gebouwd. Het scheepstype heeft een vol achterschip met een enigszins vallende achtersteven, waardoor de achterkant van het roer bijna vertikaal staat. Het achterschip is gepiekt, dat wil zeggen dat de spanten in het achterschip een S-vorm hebben. Naar voren toe verloopt de vorm van de spanten tot een bolle vorm. Ook het voorschip van een blazer is vol. Opvallend is het berghout dat bij een blazer vrij laag zit, waardoor het boeisel van een blazer zeer breed is, wat het scheepstype zeer herkenbaar maakt. De blazer heeft een dek voor de mast en een stelling achter de mast. Onder het voordek bevindt zich het bemanningsverblijf. Midscheeps bevindt zich de trog, via welke men de vis uit de bun kan scheppen. Het belangrijkste verschil tussen de reconstructie en de originele blazer is het achterschip. De originele blazer had sinds 1926 een zogenaamde 'motorkont'. Vanwege het grote gewicht van de toen geplaatste motor moest het achterschip namelijk 35 centimeter opgeboeid worden. Het achterschip van de reconstructie is zoals dat voor 1926 was. Verder zijn er uit interviews met plaatselijke deskundigen vele details naar voren gekomen die in de reconstructie verwerkt zijn. Zo kwam naar voren dat de mast van de originele blazer ooit verkort is. Bij de bouw van de reconstructie is er uiteindelijk voor gekozen geen langere mast op het schip te plaatsen om het schip zo veilig mogelijk te maken. OUDE CODE: SM A 05 blazer.; opmerkingen en datum betreffen het origineel! zie ZZM 4883; HISTORISCHE BIJZONDERHEDEN:; De oorspronkelijke blazer TX11 is naar het Maritiem en Juttersmuseum te Oude Schild (Texel) gegaan. Deze was door de Vereniging Vrienden van het ZZM gekocht van P. Vlas (Den Helder) en doorverkocht aan het ZZM.; De gereconstrueerde blazer is onder leiding van Eric Slagmoolen gebouwd op de werf 't Kromhout te Amsterdam.; Blazers werden sinds de tweede helft van de negentiende eeuw gebruikt op de Noordzee, in de zeegaten, op het noordelijk deel van de Zuiderzee en op de Wadden. De thuishavens waren Texel, Terschelling, Wierum, Paesens en Moddergat. Ook op de Schelde kwamen blazers voor. Het was een zeer zeewaardig scheepstype dat bijvoorbeeld ook gebruikt werd door bergingsmaatschappijen.; De blazers van de Friese kust waren voorzien van twee masten. Deze schepen waren vrij licht. Bij de ramp van 1883 sloegen ze om als theekopjes. De Urkers die dergelijke schepen kochten plaatsten er onmiddellijk ballast in. LITERATUUR: Aaf, Henk van, artikel over vissersschepen, G.O. [=Gemeenschap Oudeschild] februari 1982. Kopie in dossier. Dijt, M.D., en J.S.M. Dijt, Texelse geslachten. Parentelen van de families Koning-Keyser, Vlaming en Bakker. (z.j., z.p.) Kopie in dossier. Fruithof, Thedo, 'Reconstructie van de blazer' Het Peperhuis, mededelingen uit het Zuiderzeemuseum te Enkhuizen. 1982 nr. 1. Huitema, T., Ronde en platbodemjachten (1962 Amsterdam) pp.129-131. Lijnenplan en constructietekening in de ongenummerde bijlagen. Petrejus, E.W., Oude zeilschepen en hun modellen. Binnenschepen, jachten en vissersschepen. (1971 Bussum) pp. 216-219. 't Kromhout. Uitgave op initiatief van drukkerij Equipage te Assendelft ter gelegenheid van het éénjarig bestaan van dit bedrijf. (z.j., z.p.) In dossier. 'TX 11 te water' Spiegel der zeilvaart, ca. mei/juni 1982. 'Het bewogen leven van de blazer', artikel in samenwerking met Thedo Fruithof, ca. 1982. Wilhelmus, Jeroen, 'De toegevoegde waarde van een banddiaproductie' AV Magazine 10 (december 1989) nr. 12. Een interview met Reindert Groot, die voor zijn vrije AV productie 'TX11 ... een reconstructie...' beloond werd met de tweede prijs in de Golden-D Award wedstrijd van DATACON in Stockholm. In dossier. Zuilekom, B. van, 'Historische werf 't Kromhout. Er wordt alweer aan uitbreiding gedacht' Zeilsport 6 (1981) nr. 8, augustus, pp. 24-25. INHOUD VAN HET DOSSIER: 1. Zie dossier 4883 voor gegevens betreffend de originele blazer. 2. Stukken betreffend de bouw van de replica op de werf Kromhout te Amsterdam. 3. Stukken betreffend de financiering van de bouw van de replica. Betreft voornamelijk het Prins Bernhard Fonds.; 4. Teksten van bandopnamen t.b.v. de bouw van de reconstructie. 5. Informanten bij de bouw van de reconstructie. 6. Details bij de bouw van de reconstructie. 7. Stukken betreffend de tewaterlating op 17 mei 1982. 8. Stukken betreffend de AV-presentatie 'TX 11 ... een reconstructie' door Reindert Groot. 9. Literatuur. 10. Krantenknipsels. 11. Stukken betreffend onderhoud, restauratie en conservering. 12. Stukken betreffend de motor. 13. Stukken betreffend de exploitatie, incl. Oosterend Present 1983. 14. Stukken betreffend de Vereniging Botterbehoud. 15. Vergunningen, keuringen, en dergelijke. 16. Tekeningen. 17. Foto's en folder 'Red de laatste blazer' 18. Aantekeningen betreffende het zeil. OUDE REGISTRATIE: SM A 05 blazer. HISTORISCHE BIJZONDERHEDEN: De blazer TX 11 'Drie Gebroeders' is in 1894 gebouwd op de werf van Zwolsman te Workum. De afmetingen zijn 14.67 x 4.80 m. Pieter Vlaming Biemzn uit het Texelse Oosterend was de eerste eigenaar. Zijn schip was met een lengte van bijna vijftien meter toen één van de grootste blazers in de haven van Oudeschild. 's Zomers viste Vlaming op de Noordzee voornamelijk op platvis zoals tong en schol. 's Winters trok hij zich terug op de Waddenzee en de Zuiderzee om daar ansjovis, haring, mosselen en garnalen te vangen. De blazer TX 11 werd als één van de eerste schepen uitgerust met een motor van 16 pk. In 1920 was dat een hele vooruitgang. Ter; vergelijking: in de reconstructie staat een motor van 120 pk. Met steun van het Prins Bernhard Fonds is in 1980 op de werf 't Kromhout in Amsterdam een reconstructie van het schip vervaardigd. BOUW:; 'B. Vlaming Pieterszn. schreef in 1949 een brief waarin hij vermeldde dat: "Onbesteld op de scheepswerf van de Heer U[bbe]. Zwolsman te Workum een blazer van 51 voet is gemaakt, onder een lange periode en tenslotte verkocht aan mijn vader P. Vlaming Bzn. en afgeleverd in maart 1894 voor f. 2000,-" '; ['Het bewogen leven van de blazer' ; brief dd. 24-10 1949, dhr. B. Vlaming Bzn. aan het ZZM] ACHTEREENVOLGENDE EIGENAARS: 1. maart 1894: door P. Vlaming gekocht voor f. 2000,-. zie BOUW.; 2-8 1911 tot 15-6 1914: P. Vlaming, Texel. TX 11, 'De drie gebroeders'.; 2. 15-6 1914 tot 7-7 1928: B. Vlaming, Texel. TX 11, 'De drie gebroeders'.; 3. 7-7 1928 tot 23-4 1930: H. Kramer, Urk, UK 14, 'Vernieuwde kracht'.; 4. 23-4 1930 tot 9-4 1932: A. Bakker, Urk. UK 14, 'De kleine Arie'.; 5. 9-4 1932 tot 5-6 1932: P. van Slooten, Urk, UK 258, '-'.; 6. 5-6 1932 tot 5-7 1947: A van der Schans, Oudeschild, TX 28, 'Ali'.; 7. 5-7 1947 tot 27-2 1948: .. Doesburg, Wieringen, WR 76, 'De twee gebroeders'.; 8. 27-2 1948 tot 1-11 1948: P.M. Vlig, Lemmer, LE 7, 'Anna'.; 9. 1-11 1948 tot 23-3 1949: R. en H.S. Doesburg, Den Oever, WR 76, 'De twee gebroeders'.; 10. 23-3 1949 tot 12-11 1949: P. Vlas, Den Helder, HD 305, 'Marianne'.; Verkocht aan ZZM door C. de Wijn, Oudeschild.; [gegevens uit het Centraal Scheepsregister Den Haag. Aantekening Thedo]; 11. 1949 tot 1983: Zuiderzeemuseum.; 12. 1983 tot heden: Maritiem en juttersmuseum Oudeschild, Texel. OVER DE EIGENAARS: ad.1. Piet Vlaming Biemzn. *1840. Was een kunstzinnig man. In de mast waren de initialen P.V. uitgesneden. Piet had drie zoons en drie dochters. Mogelijk verwijst de naam 'De drie gebroeders naar zijn drie zoons. [aantekening Thedo]; Piet Vlaming Bzn uit Oosterend is in 1890 schipper/eigenaar van de blazerschuit TX 150. In 1898 vaart hij op de TX 11. [Overzicht van den Texelsche visschersvloot 1890. Overzicht der Texelsche visschersvloot 1898]; ad. 2. Biem Vlaming Pzn. *1870. In de ansjovistijd was Enkhuizen de uitvalsbasis van de TX 11. Er werd dan gevist met staande netten. Zie P. Dorleijn, dl.1, p.109.; Biem Pzn Vlaming, TX 11, verzocht in 1902 samen met drie andere vissers vergunning om 'evenals andere garnalenkokers (..) bij ongunstige gelegenheid garnalen te mogen koken in de schuit in de haven te Oude Schild op Texel.' De vier vissers woonden allen te Oosterend. [GA Texel, inv. nr. 857]; ad. 6. Op 28-12 1936 ontving Albert van der Schans, TX 28 'Ali' een verklaring van inschrijving in het register der visschersvaartuigen. Ook zijn 'Vergunning tot het aanvoeren van levende garnalen te Den Helder en IJmuiden tussen 1-7 1937 en 1-11 1937 is bewaard gebleven. [kopieën in dossier]; ad. 11. Van 1965 tot 1978 is de blazer in bruikleen geweest bij de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders te Ketelhaven. Hozend en pompend kwam het schip daar aan, maar een paar dagen later werd het aangevaren door een bietenschip en zonk. Een drijvende bok heeft de blazer toen gelicht en op drie stenen muurtjes op de kade gezet, waar het in de open lucht bleef staan. [zie 'Het bewogen leven van de blazer'] De toestand van het schip was in 1978 zodanig slecht, dat besloten werd tot een ingrijpende restauratie. Al snel bleek dat er weinig meer te restauren viel, zodat besloten werd tot het vervaardigen van een reconstructie. Zie daarover dossier B 505. Het wrak van het originele schip is overgedragen aan het Maritiem- en Juttersmuseum te Oudeschild. MOTOR:; 1920: eerste motor, 16 pk Deutz Bonsmotor. "Nou beheers ik wind en water" zei Biem Vlaming toen.; 1926: tweede motor, 30 pk Kromhout. Door het grote gewicht van de motor moet de kont van de blazer 35 cm opgeboeid worden.; ['Het bewogen leven van de blazer'] RESTAURATIES: Voor 1978 is de blazer reeds driemaal met allerlei kunstmiddelen van een zekere sloop gered. [verklaring dd. 6-11 1978, drs. U.E.E. Vroom] LITERATUUR: Dorleijn, P., Van gaand en staand want, dl.1, p.109.; Dijt, M.D. en J.S.M. Dijt, Texelse geslagten. Parentelen van de families Koning-Keyser, Vlaming, en Bakker.; Fruithof, Thedo, en Theo Leeuwenburg, 'De werf van De Wijn op Texel' Tagrijn 1982 nr.2, pp. 4-8; 'Het bewogen leven van de blazer', Artikel in samenwerking met Thedo Fruithof, ca. 1982, niet uit de Tagrijn. Kopie in dossier.; Overzicht van den Texelsche visschersvloot 1890. In dossier.; Overzicht der Texelsche visschersvloot 1898. In dossier.; Vlis, J.A. van, 'Het eiland en de visserij' in: 't Land van Texel.; Vroom, U.E.E., Schepen van het Zuiderzeemuseum. Beschrijvende gids van het schepenbezit van het Rijksmuseum Zuiderzeemuseum te Enkhuizen. (1966 Enkhuizen), pp.48-49.; Vroom, U.E.E., 'Nogmaals de Blazer', Artikel voor de Leeuwarder Courant, ca. 1967, typoscript. ARCHIVALIA: GA Texel, inv. nr. 857, Stukken betreffende vergunningen tot het koken van garnalen in de haven. INHOUD VAN HET DOSSIER: 1. Literatuur en historische bijzonderheden.; 2. Kopieën uit het werfboek van C. de Wijn te Texel, betreffend onderhoud en reparaties aan de blazer (TX 11, TX 28).; 3. Meetbrief HD 305 'Marianne', afgegeven 23-4 1930, gewijzigd 16-7 1937, 21-7 1947, en 30-3 1949.; 4. Stukken betreffend de aankoop door het ZZM, 1949-1950.; 5. Stukken betreffend het verblijf van de blazer te Ketelhaven, 1965-1978.; 6. Stukken betreffend restauraties en opmetingen.

Identificatie
Titel
blazer TX 11
Objectnummer
B000505
Handle
http://hdl.handle.net/21.12111/zzm-collect-8972
Objectcategorie
Vaartuigen
Objecttype
  • blazer (vaartuig)
    Nederlands vissersvaartuig dat in de tweede helft van de 19e eeuw is ontwikkeld rond het noorden van de Zuiderzee en de Waddeneilanden. Op het einde van de 19e eeuw werden ze ook gebruikt voor de visserij op de Maasvlakte en de Noordzee, op de Zeeuwse stromen en voor de Vlaamse kust. De blazer was een zwaargebouwd kielschip met een plat vlak en hoekige kimmen, een volle, zware romp, waarvan het achterschip gepiekt was. De voorsteven was gebogen en vallend, de achtersteven recht en vallend. In het ruim achter de mast was gewoonlijk een bun gebouwd. (aatned.nl)
Werk
Breedte
520.0 cm
Lengte
1450.0 cm
Museum
Zuiderzeemuseum Enkhuizen
Vervaardiging
Vervaardiger
  1. Werf 't Kromhout (Amsterdam) (vervaardiger)
Datering
Materiaal
  • hout
    Hout is een bouwmateriaal, afkomstig van boomstammen en -takken. Naast merg, spint en schors vormt het daarvan het voornaamste bestanddeel. Ten noorden van de Alpen is hout van oudsher het belangrijkste bouwmateriaal. Onderscheiden worden naaldhout van naaldbomen (dennen, grenen, vuren) en loofhout van loofbomen (eiken, beuken enz.). De stammen werden meestal in het groeigebied gekantrecht en per vlot of in een schip over water vervoerd. De houthandel en -nijverheid concentreerden zich in Nederland vooral in Dordrecht, Amsterdam, Deventer en later ook in de Zaanstreek. Voor regionaal gebruik concentreerde de houthandel zich ook in plaatsen als ’s-Hertogenbosch, Schoonhoven en Tiel. (Haslinghuis)
  • ijzer
    Fe. Dichtheid 7,86 kg/m3. Metaal dat in de bouw zeer veel is toegepast, vooral voor het opnemen van trekkrachten in verankeringen, trekstangen e.d.. Het heeft het nadeel dat het sterk kan corroderen (roesten), waarna door volumevermeerdering schade aan bouwdelen kan optreden. Ook gebruikt voor spijkers, hang- en sluitwerk, siersmeedwerk en vele andere doeleinden. In XVII werd vooral vanwege de taaiheid en buigbaarheid veel ijzer uit Zweden betrokken en als zodanig in bestekken vermeld.Kan ook worden gegoten in vormen. Gietijzer bevat 3-5 koolstof, is bros en kan geen trekkrachten opnemen. Smeedijzer bevat ongeveer 0,1 koolstof. IJzer met zeer weinig koolstof wordt staal genoemd.
  • zeildoek
    Zeildoek (ongekeperd linnen of katoen) is een sterk weefsel dat kan worden gebruikt als schildersdoek of bedoekingsmateriaal. In het Engels heet het duck (eend) omdat het waterafstotend is.
  • touw
    Koord; bundel garen die eerst tot een draad gesponnen wordt, waarna meerdere draden tot een streng of kardeel worden geslagen. Meerdere kardelen bij elkaar vormen een touw.Zwaar koord, tenminste 6,35 mm in diameter, dat is gevormd door twee of meer strengen van natuur- of kunstvezel ineen te draaien. (Toegepaste Kunst Project, RKD)
Verwerving en licentie
Verworven
bruikleen 29 november 1949
Copyright
BY-SA
Naamsvermelding
Bruikleen Vereniging Vrienden van het Zuiderzeemuseum
Locaties
  • Workum