Datering
Vervaardiger

Friese palingaak "Heeg"

Palingaken vervoerden paling naar Londen. Vaak werd de paling levend ingekocht in het Oostzeegebied. De schippers namen de vis dan mee in een bun. Dat was een soort kooi in het schip die in verbinding stond met het water.

Uitgebreide beschrijving

20 onderdelen. NAAM/NUMMER: "Heeg" ALGEMEEN: schaalmodel, getuigd met zeilen.SCHAAL: ca. 1:30. TECHNIEK: op spanten gebouwd. OPSCHRIFTEN:"Heeg" op 2 koperen plaatjes op het achterboeisel. TUIGAGE: mast(en) met staand want: 1 vaste mast, naturel, zwart boven de hommer, zwart beslag, voorstag met talreep, aan beide zijden 2 hoofdtouwen met jufferblokken en talreep, bakstagen met mantel, mantelketting en talie. zeilen met rondhouten en lopend want. GROOTZEIL: wit, met aangenaaid voor- en achterlijk, opgestikte banen, achterlijk, 6 rakhoepels, 2 rijen reefogen, rechte gaffel, giek met brons beslag, kraanlijn, piekeval, klauwval, schoot op overloop, halstalie. STAGFOK: wit, met aangenaaid voorlijk en schoothoek, opgestikte banen, achterlijk, 7 leuvers, 1 rij reefogen, schoot op overloop, val.STAGKLUIVER: wit, met aangenaaid voorlijk en schoothoek, opgestikte banen, achterlijk, 6 leuvers, val, lopende stag, neerhaler, 2 schoten, hals op traveller, kluiverboom, kluiverboomtopper. De kluiverboom rust in een met haken aan de boeg verankerde wang. VISGEREI: BUN, met koperen kaarplaten. ROMP: Naturel, roodbruin onder de waterlijn. Kielbalk, plat vlak, 4 huidgangen, berghout, boeisel. ZWAARDEN: rond, naturel, zilverkleurig beslag, zilverkleurige ster. Talies naar het voordek. ROER: aangehangen, naturel, roodbruin onder de waterlijn, groene helmstok, groene klik, zijtalies. Houder voor vlaggestok. GRONDTAKEL: 2 stokankers, hangen aan kraanbalken. BB. anker met ketting door kluisboord op braadspil. Braadspil met zilverleurig beslag en pal. LUIKENKAP: rond. 4 plus 2 luiken op de bun. VERBLIJVEN: vooronder, met 2 luiken op het voordek; schippersverblijf, met op het achterdek het zg. Katheder, met vensters rondom. Vensters aan weerszijden van het roer.; stuurkuip, hier met luik achter de overloop.AAN/OP DEK: op het voordek 2 kassiersmutsen waardoor de ankerketting liep. Op dit model zitten die ook bij de braadspil. VLAGGEN EN WIMPELS: Vlaggestokhouder op het roer, rode vaan met koperen scheerhout in de masttop. HISTORISCHE BIJZONDERHEDEN: Palingaken vervoerden paling naar Londen. Vaak werd paling ingekocht in de Oostzee. De bijlbrief van de "Heeg" is afgedrukt in Zetzema, p.149. Hieruit blijkt dat de "Heeg" in 1867 gebouwd werd door Hendrik Migchiels de Jong, wonende te Heeg. De eerste schipper was Durk Wijbes Boontje. De bijlbrief werd in 1868 in Heeg geregistreerd, en in 1870 in Sneek. Het Fries Scheepvaart Museum te Sneek bezit een model van de palingaak "Heeg", dat gebouwd is door M. de Jonge, die ook aan de echte "Heeg" meegebouwd had. [Zetzema, p.39, foto p.59] Zetzema, J., brief, d.d. 30 januari 1984, Marken. (In dossier) COMPLEET/INCOMPLEET: Het model van de "Heeg" komt in grote lijnen overeen met de tekeningen van de "Kornelis Ykes" zoals vervaardigd door Zetzema. Enkele kleine verschillen zijn: het vloeistofkompas staat bij het model niet op het zg. katheder, en het grootzeil van het model telt 2 rijen reefogen, waar er op de tekening 3 zijn weergegeven. Bovendien mist ons model de sloep en de vlaggestok.; Aan sb. achter zit een restant van een etiketje met als opschrift "151"

Identificatie
Titel
Friese palingaak "Heeg"
Objectnummer
008923
Handle
http://hdl.handle.net/21.12111/zzm-collect-12615
Objectcategorie
Schaalmodellen
Objecttype
  • palingaak
    Heegeraak, soms ook een Lemmeraak of ander type, waarmee men men paling naar Engeland gebracht werd of die in verband met de palinghandel permanent in Londen gemeerd lagen. (debinnenvaart.nl)
  • scheepsmodel
    Nabootsing van een vaartuig op klein formaat. (Encyclo.nl)
Werk
Breedte
24.0 cm
Hoogte
85.0 cm
Lengte
100.0 cm
Museum
Zuiderzeemuseum Enkhuizen
Vervaardiging
Vervaardiger
  1. (vervaardiger)
Datering
Materiaal
  • hout
    Hout is een bouwmateriaal, afkomstig van boomstammen en -takken. Naast merg, spint en schors vormt het daarvan het voornaamste bestanddeel. Ten noorden van de Alpen is hout van oudsher het belangrijkste bouwmateriaal. Onderscheiden worden naaldhout van naaldbomen (dennen, grenen, vuren) en loofhout van loofbomen (eiken, beuken enz.). De stammen werden meestal in het groeigebied gekantrecht en per vlot of in een schip over water vervoerd. De houthandel en -nijverheid concentreerden zich in Nederland vooral in Dordrecht, Amsterdam, Deventer en later ook in de Zaanstreek. Voor regionaal gebruik concentreerde de houthandel zich ook in plaatsen als ’s-Hertogenbosch, Schoonhoven en Tiel. (Haslinghuis)
Verwerving en licentie
Verworven
aankoop 13 januari 1970
Copyright
BY-SA
Locaties
  • Friesland
Reproductie
Vervaardiger van reproductie
Picturae